Raymond Atteveld

Het gaat niet om geldelijke investeringen. Het gaat om het gevoel
Toen Raymond Atteveld bij Roda JC assistent-trainer en later trainer was, ging 70% van de speeltijd naar buitenlanders. Het is ook wel eens voorgekomen dat er geen enkele Nederlander in de basis stond. Het spreekt voor zich dat zoveel verschillende culturen en waarden, een hoop flexibiliteit vergt. In een interview vertelt Raymond hoe hij daarmee omging.



Mitchell Piqué

Sterke Surinaamse voorouders; vader van Patrick Kluivert was vele malen beter dan zijn zoon
De eerste opvallendste stroom van buitenlandse invloeden in het Nederlandse voetbal kwam van Surinaamse voetballers. Met name vanaf de jaren tachtig etaleerden zij hun kunsten op de Nederlandse voetbalvelden en zorgden ze ervoor dat het Nederlandse voetbal weer op de kaart te staan kwam. Met topspelers uit de eerste generatie Surinamers won Ajax de EC II in 1987, PSV de EC I in 1988 en Oranje zelfs het EK van 1988. In de jaren negentig liep het aantal internationals van Surinaamse afkomst alleen maar op dankzij hun goede prestaties in de Eredivisie. Zo werd Feyenoord in 1993 kampioen met een elftal waarin Surinamers een belangrijke rol speelden. Dezelfde trend was ook bij Ajax te zien. Dat het team in 1995 de Wereldbeker en voorlopig de eerste en laatste Champions League won en het jaar daarop weer in de Champions League Finale stond, werd mede mogelijk gemaakt door de inspanningen van spelers van Surinaamse afkomst.